'Ik wilde de paniek niet meer voelen'

Op 48-jarige leeftijd kreeg Jeannette Heijting binnen een maand twee herseninfarcten. Na intensieve revalidatie herstelde haar linkszijdige verlamming. Jeannette dacht “ik ben er weer” en ze probeerde uit alle macht haar oude leventje weer op te pakken. Totdat ze vijf jaar later op de bodem van een diepe put belandde.

“Ik ben altijd wel een perfectionistje geweest en streng voor mezelf. Na mijn herseninfarcten legde ik in alles de lat nog net zo hoog. Er was toch niks meer aan me te zien? Mijn omgeving zei ook ‘wat ben je er toch goed uitgekomen’. Ik wilde dat maar al te graag bewijzen!”

Vermoeidheid

Maar hoe Jeannette ook haar best deed, steeds meer dingen lukten niet meer, thuis en op het werk. Ze vocht tegen zichzelf, haar lontje werd steeds korter en de vermoeidheid nam alleen maar toe. “In die periode had ik een chronische bal van angst in mijn buik. Als ik ’s ochtends onder de douche stond voelde ik me zó bang. Waarvoor wist ik eigenlijk niet eens. Achteraf denk ik dat ik bang was voor de vermoeidheid en alle moeilijke keuzes.

Ik zie mezelf nog op onze oprit in mijn auto zitten. Ik moest gaan werken maar vocht tegen mijn tranen en wilde de auto eigenlijk niet starten. Ik was zo moe, zo ontzettend moe…Maar dan zei ik tegen mezelf ‘Wat heb ik nou eigenlijk gedaan? Opstaan, douchen, aankleden en ontbijten. De dag moet nog beginnen. Ik moet gewoon nóg wat flinker zijn. Ik moet dankbaar zijn hoe het nu is, het had allemaal veel erger kunnen zijn. Vooruit, het gaat straks vast wel beter.’

Overal van af

Maar al rijdend werd het gevoel ‘ik kan dit niet meer volhouden’ steeds sterker. De taken die op me lagen te wachten werden grote beren op de weg. Bij voorbaat had ik al het gevoel dat het me niet zou lukken. Ook dacht ik aan de dingen die thuis steeds mis gingen, terwijl ik zo mijn best deed. Halverwege de autorit zat het paniekduiveltje alweer op mijn schouder. ‘Je kunt het niet meer, je bent niet goed genoeg.’ Tranen, het zweet in mijn handen en over mijn rug. En dan kwam het…die gedachte… ‘Als ik er nu gewoon eens een eind aan maak, dan ben ik overal van af.’

Op het moment dat ik het dacht wist ik eigenlijk al dat ik het niet zou doen. Ik wilde helemaal niet dood! Het was een gedachte vanuit pure paniek en de grip kwijt zijn. Ik wilde me gewoon niet meer zo voelen!”

Lotgenoten

Via een vriendin hoorde Jeannette over Hersenz en ze meldde zich aan.  “Bij Hersenz voelde het contact met lotgenoten als een warm bad. Uit alle verhalen leerde ik de gevolgen van mijn hersenletsel pas goed herkennen. Ik durfde steeds meer te laten zien hoe het echt met me ging. Door de erkenning die ik voelde en alle tips, kreeg ik langzaamaan weer grip op mezelf. En het belangrijkste: ik leerde weer van mezelf houden.

De gedachte om mezelf iets aan te doen heb ik nu niet meer. Ik zeg niet dat ik die nooit meer krijg, want ik weet niet wat er nog allemaal op mijn pad komt. Ik weet wél zeker dat die gedachte niet meer ontstaat vanuit de gevoelens van toen. Mijn houding ten opzichte van mijn hersenletsel is veranderd. Ik bén niet meer mijn hersenletsel, ik héb hersenletsel. Het is een stukje van mezelf, maar daarnaast heb ik nog voldoende talenten over. Mijn focus ligt nu op wat ik wél kan!”

 

 

Interessant? Lees ook deze ervaringsverhalen
“Door Hersenz ben ik een andere man geworden”

Henk de Klerk is 65 jaar, getrouwd, vader van een dochter en opa van 2 kleinkinderen. Vanaf zijn 60e heeft Henk al vier herseninfarcten gehad.

“Ik herken nu mijn eigen gedrag”

Eric was 41 jaar toen zijn leven in 2005 compleet overhoop werd gegooid door een scooterongeluk. Na een half jaar revalidatie kwam hij weer thuis. Mét hersenletsel, maar zonder inzicht in hoe hij was veranderd en hoe hij ermee om kon gaan.

“Ik kan beter omgaan met mijn prikkelgevoeligheid”

Eric Jansen is 48 jaar, alleenstaand en vader van een 21-jarige zoon. In juni 2019 kwam Eric tijdens zijn fietstraining, ter voorbereiding op Triatlon Stein, ten val. Hij raakte buiten bewustzijn en werd door wandelaars gevonden.

Duo-interview met Martijn en Dennis

Martijn Dekker en Dennis Kruithof liepen beiden hersenletsel op na een verkeersongeval. Dagelijks kampen zij met de blijvende gevolgen daarvan, zoals verminderde concentratie, vermoeidheid, minder goed kunnen onthouden en ze raken snel overprikkeld in gezelschap.

‘Ik zie meer gouden randjes in mijn leven’

Frank was 21 toen hij in 1987 een ernstig auto-ongeluk kreeg. Na een frontale botsing brak hij zijn arm, been, heup en kaak. Door een frontale hersenkneuzing lag hij langdurig in coma.

Pagina's