Overprikkeling na hersenletsel? Ineke Wiedijk (41) uit Heerhugowaard weet wat het is. Op haar 36ste kreeg ze een hersenstaminfarct. Als gevolg daarvan zijn haar hersenen blijvend beschadigd. Prikkels zoals licht, geluid maar ook drukke menigten worden niet meer goed verwerkt.

 “In de ochtend gaat het vaak redelijk”, vertelt Ineke. Amber, haar zevenjarige dochter, is dan naar school. “Vanmorgen dacht ik lekker in de tuin te zitten. Maar verderop is een buurman bezig met een apparaat dat lawaai maakt, dus moest ik weer naar binnen.”

OVERPRIKKELING 

Als er teveel prikkels zijn, wordt Ineke meteen supermoe. “Mijn hoofd raakt dan vol geluid en licht. Denken wordt moeilijker. Het is dan chaos in mijn hoofd. Vroeger raakte ik in paniek. Nu begrijp ik wat er gebeurt. Als er teveel prikkels zijn, moet ik de tijd nemen die rustig te verwerken. Dan stap ik uit de situatie, ga ik ergens rustig zitten en zakt het.”

Haar leven heeft ze flink aan moeten passen door haar overprikkelingsklachten en haar vermoeidheid. Ze kan veel minder dan vóór haar beroerte. “Het is nu kermis in het dorp. Daar kan ik niet heen met Amber. Dan moet ik me met haar bezighouden en zijn er prikkels van mensen, geluiden en licht. Ik kan wel even over mijn grens gaan, maar uiteindelijk wordt het een ramp.”

“Voorheen had ik het ook als ik met Amber naar een buurtspeeltuintje ging. Als het drukker werd, raakte ik door de prikkels het overzicht kwijt. Dan zag ik niet meer waar ze was en werd ik bang om haar kwijt te raken. Nu is ze wat ouder en redt ze zichzelf. Maar als ze klein zijn, wil je wel bij ze zijn als ze op een hoge schommel klimmen.”

Naar schoolvoorstellingen neemt ze tegenwoordig oordoppen mee die geluid dempen. “En ik plan de middag ervoor leeg.” Haar dochtertje begrijpt inmiddels dat mama niet alles tegelijk kan. “Op rustige momenten gaan we zwemmen. Maar als de schoonmaakwagen langsrijdt, ik spulletjes moet inpakken en Amber gaat dingen vragen, gaat het mis. Dan zeg ik: ‘We gaan nu naar de grote kleedkamer en je mag even niets aan mama vragen’.”

Herseninfarct

Ineke heeft veel ingeleverd door de gevolgen van haar infarct. Haar werk als gehandicaptenbegeleider moest ze opzeggen, net als een groot deel van haar sociale leven. Ook haar relatie kwam onder druk door oplopende spanningen. “Ik kon ontploffen over kleine, onnozele dingen. Vooral aan het einde van de dag.”

Na een revalidatietraject van een half jaar, sloot Ineke aan bij Hersenz. Ze volgde alle modules en deed, met tussenposen, twee jaar over het behandeltraject. “Voorheen had ik geen idee hoe ik mijn energie over de dag moest verdelen. Nu deel ik mijn dag goed in. Ik sta in de ochtend op en help Amber naar school. De ochtend gebruik ik verder om afwisselend te rusten of kleine dingen te doen in huis. In de middag ga ik slapen om uitgerust te zijn als Amber uit school komt. Koken doe ik zelf, afhankelijk van hoe ik me voel. Soms geef ik het over aan mijn man, soms is het pizza. En na het eten ga ik weer rusten.”

Doelen

Eén van Inekes doelen was dat zij en haar man beter gingen samenwerken. “We nemen nu de weekplanning met elkaar door. Daar heb ik mijn man in moeten meetrekken, maar we doen het wel. We hebben een behoorlijke dip gehad, maar hebben ons beeld van de relatie bijgesteld. Zoals voorheen is het niet meer. Ik ben veranderd. Dat heeft hij echt gezegd. Ik was zacht en meegaand en nu feller en assertiever.”

Haar man Dennis volgde de partermodule van Hersenz. “Dat heeft hem gesterkt. Langzaamaan pakt hij het normale leven weer op. Er is van alles op zijn werk gaande. Daar bemoeit hij zich weer mee. En hij gaat weer vissen met collega’s. Dat deed hij voorheen niet omdat hij alle energie nodig had voor de zorg voor Amber en het huishouden.”

Het hele behandeltraject was pittig maar heeft haar veel gebracht: “Ik hang minder aan mijn man. Dat benauwde hem ook. Door zelf dingen te leren ben ik sterker geworden, zelfstandiger en minder paniekerig.”

Vermoeidheid en overprikkeling

Vermoeidheid en overprikkeling hebben een wisselwerking op elkaar, volgens Ineke. “Als ik overprikkeld raak, word ik moe. Als ik moe ben, raak ik sneller overprikkeld. Bij Hersenz heb ik geleerd dat ik de dag goed moet indelen. Ik moet rustmomenten inplannen en activiteiten over de dag verspreiden.”

Ineke heeft ook de modules Aandacht en geheugen en Plannen en organiseren gevolgd. “Ik dacht aanvankelijk dat ik daar niets aan zou hebben maar mijn man las het stuk daarover en zei: je bent soms net een zeef. Ik ben er achter gekomen dat mijn geheugen minder werkt als er veel prikkels tegelijkertijd zijn. Dat was een eyeopener voor mij: Mijn geheugen is niet beschadigd door het letsel maar door de tragere informatieverwerking neemt het minder op.”  

Steun van andere jonge moeders

Ineke wil graag nog vertellen dat ze veel steun heeft van andere jonge moeders met hersenletsel. Ze heeft zich aangesloten bij de Club van jonge moeders met hersenletsel en is daar één van de bloggers. 

 

Interessant? Lees ook deze ervaringsverhalen
Mijn kleine overwinningen zijn groots!

Bij Femke Ansems de Vries, nu 39 jaar, werd een kwaadaardige hersentumor ontdekt. De tumor werd bijna helemaal operatief verwijderd, maar omdat tumorweefsel nu eenmaal niet symmetrisch is, zijn er flinters achtergebleven. Hiervoor heb ik nog drieëndertig bestralingen en vier chemokuren van elk zes weken gehad. Dat zo’n intensief traject nare gevolgen kent, spreekt voor zich.

Ik heb jarenlang met mezelf geworsteld.

Peter Graafmans was een harde werker en had nooit tijd om stil te zitten. In 2009 maakte een herseninfarct een abrupt einde aan zijn drukke leven. Peter was 46 jaar, raakte verlamd aan zijn linker lichaamshelft en kreeg afasie.

Na 31 jaar kreeg ik eindelijk erkenning

Soms moet je een frustrerende weg afleggen, voordat klachten in verband worden gebracht met eerder opgelopen hersenletsel. Olga Seppenwoolde, 50 jaar, kan erover meepraten. Ze was 16 jaar toen ze, fietsend naar school, werd aangereden door een brommer.

Ik was al moe als ik opstond

Op 18 juni 2014 raakte het leven van Dik Bakker, 56 jaar, compleet overhoop. Al fietsend naar zijn werk botste hij met 30 kilometer per uur tegen een achteruitrijdende bestelbus. De klap was zo hard dat hij pas drie weken later bijkwam in het ziekenhuis.

“Ik kon multitasken als de beste”

Loes van ´t Sant werd op 49-jarige leeftijd overvallen door een herseninfarct. Met algehele uitval rechts werd ze een week opgenomen in het ziekenhuis. Na nog een week interne revalidatie mocht ze naar huis. Loes had er nooit bij stil gestaan, maar cognitieve gevolgen werden steeds meer merkbaar.

Pagina's